Hoogste meetnauwkeurigheid ondanks moeilijke meetomstandigheden
Bij de installatie van een debietmeter gaat men doorgaans ervan uit dat het meetinstrument wordt bevestigd op een meetpunt met een stabiele en ongestoorde stroming.
Om ook bij verstoringen in het stromingsprofiel betrouwbare meetwaarden te garanderen, bieden de tweekanaals-debietmeters van Katronics een oplossing
Bij de installatie van een debietmeter gaat men doorgaans ervan uit dat het meetinstrument wordt bevestigd op een meetpunt met een stabiele en ongestoorde stroming. De realiteit is echter vaak dat het moeilijk of zelfs onmogelijk is om dergelijke ideale meetomstandigheden te realiseren. Verstoringen in het stromingsprofiel kunnen door tal van factoren worden veroorzaakt, maar zijn meestal het gevolg van een verandering in de leiding waardoor de vloeistof stroomt. Dit kan worden veroorzaakt door een andere helling of hoek van de leiding, door bochten, door een gewijzigde diameter als gevolg van een verloopstuk of diffusor, en door ingebouwde kleppen en pompen. Deze veranderingen in de stromingsomstandigheden leiden tot een verschuiving van het stromingsprofiel, waarbij het punt met de maximale stroomsnelheid zich niet langer in het midden van de leiding bevindt.
Lokale veranderingen in het stromingsprofiel die voortvloeien uit deze leidingaanpassingen vormen een probleem voor de meeste debietmeters die in dit gebied zijn geïnstalleerd. De oorzaak hiervan is dat, ongeacht de gebruikte meettechniek, ervan wordt uitgegaan dat de waargenomen stromingsomstandigheden zich voordoen op de plaats waar de stroming het snelst is en dat er geen andere externe invloeden meespelen. Daarom rijst de vraag hoe men kan herkennen wanneer verstoringen in het stromingsprofiel optreden en, ten tweede, hoe men hier het beste mee omgaat.
Hierbij mag niet onvermeld blijven dat bepaalde meettechnieken minder gevoelig zijn voor dit effect dan andere. Coriolis-debietmeters berekenen bijvoorbeeld het debiet en de dichtheid op basis van de trillingen in de binnenwand van de buis binnen het meetelement en worden als zodanig niet op dezelfde manier beïnvloed door verstoringen van het stromingsprofiel. Gebruikers van clamp-on-debietmeters moeten – net als bij veel andere meetinstrumenten – vooral rekening houden met de stromingsomstandigheden door te letten op geschikte locaties voor de installatie van het meetinstrument.
Om ook onder moeilijke stromingsomstandigheden betrouwbare meetresultaten te kunnen verkrijgen, worden tweekanaals-debietmeters ingezet. Daarnaast moet er op de juiste plaatsing van de ultrasone sensoren op de leiding worden gelet. Een handleiding voor tweekanaals-debietberekeningen vindt u rechts en in het downloadgedeelte van de website. Daar staan bovendien alle nieuw gepubliceerde handleidingen ter beschikking om te downloaden. In de hoofdstukken „Montage van de ultrasone sensoren“ en „Montagelocaties“ wordt gedetailleerd beschreven waar u op moet letten bij de keuze van het leidinggedeelte voor de bevestiging van de sensoren in het algemeen en in de buurt van storingsbronnen in het bijzonder.